Het letsel
Een dwarslaesie wil zeggen dat er schade aan het ruggenmerg bestaat. De oorzaak hiervan kan een ongeval zijn of een niet traumatische oorzaak, zoals een ontsteking of een bloeding. Het ruggenmerg werkt als boodschapper tussen de hersenen en de spieren. Een dwarslaesie hoeft niet te betekenen dat het ruggenmerg geheel is doorgesneden. Ook kleinere beschadigingen van het ruggenmerg kunnen er voor zorgen dat boodschappen niet meer goed kunnen worden doorgegeven. Hierdoor kunnen de hersenen niet meer optimaal met de rest van het lichaam communiceren, waardoor er stoornissen ontstaan in motoriek (beweging) of gevoel.
Op zich zelf zegt de term dwarslaesie dus niets over de ernst van de gevolgen. Die worden bepaald door de hoogte of uitgebreidheid van het letsel. Hoe hoger in het ruggenmerg en hoe uitgebreider het letsel is, hoe ernstiger de gevolgen zijn.
Spinale shock
De eerste zes weken na het ongeval is er naast de laesie ook nog sprake van zwelling en soms bloedingen in het beschadigde ruggenmerg. Deze periode heet “de spinale shock” fase. De zwelling kan verdere beschadiging van het ruggenmerg veroorzaken omdat in het wervelkanaal geen ruimte meer is om verder uit te zetten. De zwelling drukt zich tegen de wand klem. Daarom wordt er soms geopereerd waarbij er meer ruimte wordt gemaakt. Soms worden ook medicijnen gegeven die de zwelling doen afnemen.
Wervelkolom De wervelkolom is een kolom van botten (wervels). Ze zijn met elkaar verbonden als de schakels van een ketting. In de wervels zit het ruggenmerg dat door een dwarslaesie kan beschadigen. We onderscheiden hals- of nekwervels, borst- of rugwervels, lende- of onderrugwervels en het laagste deel van het ruggenmerg: het heiligbeen.
(bron: www.natuurinformatie.nl )
De mate van beschadiging
We spreken van complete en incomplete laesies.
Een complete dwarslaesie betekent dat er geen gevoel of motoriek meer aanwezig is in het laagste deel van het ruggenmerg. Het laagste deel heeft o.a. verbinding met de anus. Als er bij prikken in de anus niets gevoeld wordt en de patiënt niet in staat is om de anus aan te spannen spreken we van een complete dwarslaesie. Als één van beide wel aanwezig is spreken we van een incomplete dwarslaesie.
Paraplegie
Deze term wordt gebruikt bij dwarslaesieniveau van de 1e borstwervel (T1) of lager. Hierbij zijn de armen niet aangedaan.
Tetraplegie
Deze term wordt gebruikt bij dwarslaesieniveau tussen 1e (C1) en laatste nekwervel (C8). Hierbij zijn de armen ook aangedaan.